Tel voltijdse equivalenten, niet de gezichten op de teampagina. Het verschil tussen die twee is bij bureaus stelselmatig groot, en het is bijna nooit kwade wil: freelancers, stagiairs, deeltijdse medewerkers en mensen die vorig jaar vertrokken staan wel op een website en niet in een sociale balans.
Waar het echte cijfer staat
In de sociale balans van de neergelegde jaarrekening, gratis bij de Nationale Bank. Daar staat het gemiddelde aantal voltijdse equivalenten over het boekjaar, plus de in- en uitstroom. Op de factsheets van IKAg staat dat cijfer per bureau overgenomen, met het boekjaar erbij.
Let op: die cijfers zijn ouder dan de website. Een jaarrekening over 2024 wordt in de loop van 2025 neergelegd, dus je leest altijd een foto van een jaar eerder.
Waarom het cijfer alleen niet volstaat
Een bureau van dertig kan vijfentwintig mensen op één grote klant hebben zitten. Wat je wil weten is niet hoe groot het bureau is, maar hoeveel ervan voor jou beschikbaar is.
Vraag daarom drie dingen:
- Hoeveel mensen werken er op de grootste klant?
- Hoeveel mensen zouden er op mijn dossier staan, en hoeveel andere klanten hebben die?
- Hoeveel van het werk wordt uitbesteed, en aan wie?
Dat derde antwoord verklaart vaak het verschil tussen de teampagina en de balans, en het is geen probleem zolang je weet wie er aan je werk zit.
Eén valkuil bij grotere namen
Sommige bureaus bestaan uit meerdere vennootschappen. Kijk je maar naar één ondernemingsnummer, dan lees je een fractie van het geheel. De factsheets rollen die vennootschappen op tot één bureau en tellen alleen de voltijdse equivalenten op. Omzet en brutomarge worden bewust níét opgeteld: vennootschappen binnen één groep factureren elkaar, en dan is de som geen som.
Verder: hoe groot een gemiddeld bureau is en wie er bij een bureau werkt.