Marketingeffectiviteit

Wat kan je binnen een kwartaal echt bewijzen?

Je CFO vraagt bewijs. De meetketen is stuk en komt niet terug. PROOF berekent welke vorm van bewijs haalbaar is bij jouw volume, hoe lang een test zou moeten lopen, en welk effect je binnen jouw beslissingscadans uberhaupt kan aantonen.

Je eindigt niet met een score. Je eindigt met een afspraak die je kan voorleggen.

Drie niveaus van bewijs

1
GeobserveerdJe ziet iets gebeuren en legt het naast je uitgaven. Kost bijna niets, bewijst bijna niets over oorzaak.
2
GeexperimenteerdJe houdt bewust iets achter en vergelijkt. Kost omzet en tijd, bewijst oorzakelijkheid.
3
GemodelleerdJe bouwt een verband over alle kanalen. Kost het meest, en is alleen betrouwbaar als het op niveau 2 gekalibreerd is.
Negen vragen

Vertel ons hoe je zaak in elkaar zit.

Alles blijft in je browser. Er wordt niets verstuurd voor je zelf op verzenden klikt.

Volume en model
Neem de conversie waar je op stuurt: aankopen, aanvragen, inschrijvingen. Een ruwe schatting volstaat.
conversies per week
Welk businessmodel past het best?
Bepaalt hoe sterk je weekcijfers schommelen los van media.
Hoe lang duurt het van eerste contact tot conversie?
Bepaalt hoeveel maturatieweken bovenop je meetperiode komen.
Media en historiek
Wat is je jaarlijkse mediabudget?
Enkel media-inkoop, zonder productie en zonder bureaukosten.
Op hoeveel kanalen ben je actief?
Tel elk kanaal dat je apart aanstuurt en apart budgetteert.
Hoeveel wekelijkse spendhistoriek heb je bruikbaar?
Bruikbaar betekent: per week, per kanaal, zonder gaten.
Beslissing en bewijs
Hoe fijn kan je je media geografisch sturen?
In Belgie is dit vaak de doorslaggevende beperking.
Hoe vaak moet je verantwoorden of bijsturen?
Dit is het venster waarbinnen een antwoord bruikbaar is.
Wie vraagt het bewijs?
Bepaalt de toon van je bewijsafspraak, niet de berekening.
Methode

Hoe we rekenen.

Publiek wordt gesplitst in een testgroep en een controlegroep. Conversies behandelen we als tellingen. De logaritme van de verhouding tussen beide groepen heeft bij benadering een variantie die omgekeerd evenredig is met het aantal conversies, het aantal weken en het product van het holdoutaandeel met zijn complement.

Daaruit volgt het aantal meetweken dat je nodig hebt om een gegeven effect te onderscheiden van toeval. En omgekeerd, wat vaak nuttiger is: bij een gegeven aantal weken volgt daaruit het kleinste effect dat je nog kan aantonen.

We rekenen niet met zuivere Poisson-ruis. Echte weekcijfers schommelen meer dan dat, door seizoen, promo, voorraad en concurrentiedruk. Daarom vermenigvuldigen we de variantie met een factor die afhangt van je businessmodel: hoe verder de conversie van de mediablootstelling af staat, hoe hoger die factor.

Bovenop de meetweken komt een maturatieperiode. Bij een lange verkoopcyclus horen de conversies van vandaag bij media van maanden geleden, en die vertraging moet in het venster passen.

Alle berekeningen gebeuren in je browser. De rekenkern is dezelfde als die achter de andere publieke instrumenten van IKAg, en is getoetst met een eigen testreeks.

Hoe we rekenen

Wat dit instrument niet doet

Geen scoreEen cijfer op honderd zou suggereren dat meetbaarheid een rapport is. Het is een keuze met een prijs.
Geen tarievenBureau-inspanning drukken we uit in PAR, niet in euro per dag. Dat is een bewuste beperking.
Geen model van jouw kanalenWe zeggen wat haalbaar is, niet wat werkt. Dat tweede vraagt jouw data.